Harbour Island
Vous êtes ici: Accueil › Blog › Strandbestemmingen › Harbour Island
Ooit een schuilplaats voor piratenschatten en verboden drank, Harbour Island in de Bahamas is vandaag de dag een kleurrijke, speciale plaats waar iedere nacht een feest is en iedere dag leuker is dan de vorige.
Je raakt er na twee vluchten en een bootreisje. In Nassau, het commerciële centrum, zie je iedereen verdwijnen richting Grand Cayman of Paradise Island. Zelf blijf je zitten in de vertrekruimte (een militaire basis gedurende WOII) terwijl je kleine, schattige hagedissen op de vloer ziet kruipen… De dag gaat voorbij, de geuren van het café ernaast heel anwezig, en plots komt een knappe man in een blauwe pilotenpet de hoek om en zegt ‘Kom met mij mee’. Dan blijf je met twee over in een zes-zitter Grumman. 60 mijl naar het oosten, totdat zich in de verte nog een diamant-zanden eiland onthult, en nog éen… Dan kom je aan op het Eleuthera eiland (eigenlijk gewoon een schuur en een man met een trolley…) en stap je op de boot die de laatste kilometers met je aflegt. Het achterschip ligt vol met ananassen, er hangt een geur van ijskoude drankjes en gezellige dagen zonder schuldgevoel.
‘Het is moeilijk om er te geraken, dat is net waarom het hier veilig is.’ zegt Zoë Heller, een bewoonster van het eiland. Als er een landingsstreep op het eiland zou zijn, zou het gevaarlijker zijn. Ze heeft volledig gelijk. Wie zou er niet naar een subtropisch eiland willen komen, 3 mijl lang en een halve mijl wijd, waar kinderen vrolijk en veilig in pittoreske 18e-eeuwse straten kunnen rondrennen?
Van de 700 Bahama-eilanden, was Harbour Island ooit de nummer 1 om piratenbuiten te verbergen. Tijdens de drooglegging werd er hier drank opgeslagen. Het voelt er nog steeds geheimzinnig… Toch was het één van de eerste Bahamese eilanden die een Engels-sprekende nederzetting had en in 1791 werd de eerste nederzetting met formele straten en huizen gebouwd langs de kade. Het is een buitengewone plaats. Het is reeds lang een mondaine badplaats, maar toch is dat niet het enige gevoel dat er hangt. Oud geld, nieuw geld, geen geld, nieuwerwets, ouderwets: deels 1950”s Cornwall, deels 197”0s Beverly Hills. Het is een bruisend eiland: een plaats om te wonen, niet alleen voor rijke ‘vluchtelingen’. Voor 2 miljoen dollar heb je een huis aan de zee, maar hoogstwaarschijnlijk naast een reeds lang vervallen hut die er niet meer uitziet en met een onaangename omringende geur. Iedereen hier, rijk of arm, is hulpeloos als de boot niet meer arriveert. Meestal hebben ze geen thee. Generators stoppen met werken, melk stremt. Niemand klaagt echter, daar is geen reden toe.
Het fameuze ‘Pink Sands Resort’ ligt reeds sinds 1956 aan de noordkant van het eiland. Weggeblazen door orkanen, heropgebouwd, geprezen, ouderwets geworden en nu hernieuwd met locaties vanaf de zee tot in de lekker geurende tuinen. Het zusterhotel, Coral Sands (nog meer huisjes, terrasjes) ligt ernaast, deelt het strand. Deze omgeving laat je vergeten hoe laat het is, welke dag het is zelfs… Een alles omringende sfeer van ‘relax, take it easy’.
Bij Pink Sands gaat het ontbijt zachtjes over naar elf uur, lunch en dan zonsondergang… Sommige mensen feesten, anderen slapen, weer andere komen samen voor een rustig diner in de prachtige tuin van het hotel, magisch geworden door natuurverschijnselen. In augustus zijn de enigen die de hitte kunnen verdragen de Italianen. Je kan er een simpel golfkarretje nemen en langs Coconut Grove Avenue gaan, voorbij het drukke Queen Conch kraampje en het ondiepe Girls Bay, waar vissers urenlang geduldig staan te wachten op ‘bonefish’, afwisselend beschreven als ‘turquoise’, ‘doorzichtig’, ‘heerlijk’ en ‘oneetbaar’.
Wanneer je een boottripje maakt valt het op hoe helder het water is, aangezien er geen rivieren of bergen in de buurt zijn om bezinksel te creëren. Je bent verbaasd wanneer het water verandert in een prachtig fris groen als je over velden van zeegras drijft…
Van alle mentale foto’s die je meeneemt van een plaats, zijn het de kleuren die je meeneemt van Harbour Island, ze zijn buitengewoon geweldig.
Harbour Island is een bescheiden, welgemanierde plaats: je gaat er niet snel iemand topless zien. Vreemdelingen knikken en wuiven, winkels sluiten op zondag. Er is weinig criminaliteit, nul agressiviteit. Om 4u ’s nachts is het eiland volledig donker en volledig stil.
Uiteindelijk komt de dageraad, maar heel laat. In een huisje aan Pink Sands zit iemand aan z’n ontbijt van Tootsie Rolls, reikt voor z’n zonnecrème, en de dag kan weer beginnen.